Facultés universitaires Saint-Louis
 
 

| version anglaise |

ECGE1326 - Mens en organisatie • [1 Q. • 30 Th.]
   
Professeur : Struyven Ludo
Objectifs de l'activité : Doel van deze cursus is een sociologische inleiding te geven in het vakgebied van arbeid en organisatie. Arbeid - en meer bepaald loonarbeid - is een sociaal geregelde en genormeerde activiteit die onder specifieke spelregels wordt gepresteerd. In deze cursus worden de sociale condities bestudeerd waaronder de arbeidsruil tussen werknemer en werkgever tot stand komt, en de vraag wie deze voorwaarden bepaalt. Het individueel afsluiten van een arbeidscontract en de daarop gebaseerde uitwisseling van prestaties en tegenprestaties vindt plaats in een stelsel van collectieve arbeidsverhoudingen en regulering door de overheid. Condities, spelregels of instituties hebben te maken met het proces van allocatie en beloning (wie komt waar terecht?), het proces van benutting (hoe de arbeidskracht inzetten?) en het proces van regulering (onder welke randvoorwaarden inzake beloning en werktijden?).
De cursus vertrekt van een aantal empirische ontwikkelingen op elk van deze domeinen: spanningen op de arbeidsmarkt nemen toe, meer vrouwen betreden de arbeidsmarkt, ouderen moeten langer werken, het werk moet voldoen aan meer prestatie-eisen, arbeidsrelaties worden flexibeler, het sociaal overlegmodel staat onder druk, … Deze ontwikkelingen worden uitgediept vanuit verschillende wetenschappelijke benaderingen en op basis van recent empirisch onderzoek.
Prérequis : Geen specifieke vereisten. Van de studenten wordt enkel verwacht dat zij vertrouwd zijn met de algemene beginselen van de sociologie. De cursus richt zich tot een brede groep van studenten in de economie, toegepaste economie, politieke wetenschappen, communicatiewetenschappen, sociologie en antropologie - dus ook bestemd voor niet-sociologen.
Contenu de l'activité : Bij wijze van inleiding op de thematiek wordt dieper ingegaan op het begrip ‘arbeid', de verschillende vormen van arbeid, de plaats van de individuele arbeidsrelatie in de organisatie en het arbeidsbestel, en de ontwikkelingen vanuit een langetermijnperspectief.
Vervolgens behandelt de cursus de verschillende sociale velden waarin de arbeidsruilrelatie tot stand komt: (1) de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt, zoals werkgelegenheid werkloosheid, inactiviteit en arbeidsmarktparticipatie; (2) de arbeidsorganisatie, vertrekkende van Taylorisme en Fordisme tot de opkomst en verdere ontwikkeling van de moderne organisatieprincipes; (3) het stelsel van collectieve arbeidsverhoudingen, gericht op het afsluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten en de invloed van de overheid daarbij. Telkens vragen we ons af wat de betekenis is van de internationale context, in het bijzonder de Europese Unie, op elk van deze domeinen.
De cursus is gebaseerd op een aantal hoofdstukken van het volgende boek: Van Ruysseveldt & van Hoof (2006), Arbeid in verandering (Kluwer).
Méthodes d'enseignement : In elk hoorcollege komt een bepaald thema aan bod. Elk van de thema's staat vandaag hoog op de maatschappelijke of politieke agenda; vandaar dat telkens zal gewerkt worden met voorbeelden uit de praktijk en recente onderzoeken. Bij wijze van voorbereiding op een thema wordt aan de studenten gevraagd om de actualiteit te volgen en zelf voorbeelden aan te brengen. Voor één of twee onderwerpen wordt een gastdocent uit onderzoek of praktijk uitgenodigd.
Tijdens de colleges wordt voor elk thema de leerdoelen (wat de studenten moeten kennen en kunnen) omschreven. Ook wordt aangegeven welke teksten (hoofdstukken in het leerboek of andere teksten) tot de leerstof behoren. Tenslotte worden enkele opdrachten gegeven als voorbereiding op het examen. Diapresentaties en opdrachten die tijdens de colleges worden gegeven behoren eveneens tot de leerstof.
Méthodes d'évaluation : Het examen is mondeling op basis van een schriftelijke voorbereiding die eveneens wordt ingeleverd aan de docent.
Bibliographie : Van Ruysseveldt & van Hoof (2006). Voor andere teksten verwijzen we naar de colleges.
Autres informations : Als leerboek wordt een syllabus ter beschikking gesteld aan de studenten, gebaseerd op hoofdstukken uit Van Ruysseveldt & van Hoof (2006), Arbeid in verandering (Kluwer). Tijdens de colleges worden aanvullend nog enkele andere teksten ter beschikking gesteld.
Langues d'enseignement : Nederlands; Engels (passief)
ECTS :
troisième année du programme de bachelier en sciences économiques et de gestion : Trilingue français-néerlandais-anglais 4 crédits ECTS
troisième année du programme de bachelier en sciences économiques et de gestion : Bilingue français-néerlandais 4 crédits ECTS
troisième année du programme de bachelier en sociologie et anthropologie : Bilingue français-néerlandais 3 crédits ECTS
programme de bachelier en sciences politiques, orientation générale pour porteur d'un titre de bachelier : Information et communication 3 crédits ECTS
programme de bachelier en sociologie et anthropologie pour porteur d'un titre de bachelier : Information et communication 3 crédits ECTS
programme de bachelier en sociologie et anthropologie pour porteur d'un titre de bachelier : Sciences politiques 3 crédits ECTS
deuxième année du programme de bachelier en information et communication : Trilingue français-néerlandais-anglais 3 crédits ECTS
deuxième année du programme de bachelier en information et communication : Bilingue français-néerlandais 3 crédits ECTS
troisième année du programme de bachelier en sciences politiques, orientation générale : Trilingue français-néerlandais-anglais 3 crédits ECTS
troisième année du programme de bachelier en sociologie et anthropologie : Trilingue français-néerlandais-anglais 3 crédits ECTS
troisième année du programme de bachelier en droit : Bilingue français-néerlandais 3 crédits ECTS
troisième année du programme de bachelier en ingénieur de gestion : Trilingue français-néerlandais-anglais 4 crédits ECTS
troisième année du programme de bachelier en ingénieur de gestion : Bilingue français-néerlandais 4 crédits ECTS
troisième année du programme de bachelier en sciences politiques, orientation générale : Bilingue français-néerlandais 3 crédits ECTS